
Ontdek de schoonheid van de natuur.
Meld je aan voor onze nieuwsbrief en ontvang inspirerende reistips en routes voor je volgende groene reis.
Abruzzo is het ruigste stukje Italië: beukenbossen, kalkpieken en stille valleien waar wolven en de zeldzame Marsicaanse beer leven. Hier vind je onze duurzame micro-avonturen: wandel- en sneeuwschoenroutes, wildlifespotten, slow food-tips en praktische OV-toegang tot Nationaal Park Abruzzo, Majella en Gran Sasso.
Kies je regio

Sicilië
Toscane
Valle d’Aosta
Piemonte
Basilicata
Puglia
Campania
Veneto
Lombardije
Lombardije
Gardameer
Süd-Tirol
Sardinië
Emilia-Romagna
Umbrië
Le Marche
Trentino
Abruzzo
Ligurië
Friuli-Venezia-Giulia
Lazio
Abruzzo is de groene long van Italië. En een van de best bewaarde geheimen van het land. Maar liefst een derde van de regio bestaat uit beschermd natuurgebied, verdeeld over vier natuurparken. Toch weten maar weinig buitenlandse reizigers de weg hiernaartoe. Als je er wel komt, word je beloond met een landschap dat nergens anders in Italië zo ongerept is: diepe bergwouden, kristalheldere rivieren, uitgestrekte hoogvlakten en middeleeuwse dorpjes die nauwelijks zijn veranderd.
De fauna is indrukwekkend: de zeldzame Marsicaanse beer, Apennijnse wolven, gemzen, wilde zwijnen, stekelvarkens, adelaars en gieren leven hier in het wild. De oude beukenbossen in het nationale park staan op de UNESCO-werelderfgoedlijst, en het park herbergt meer dan 2.000 plantensoorten, waaronder zeldzame orchideeën als het vrouwenschoentje.
Abruzzo werkt het beste buiten de zomer, als de Italiaanse dagjesmensen weer weg zijn en de natuur het landschap voor zich opeist. In het voorjaar staat de hoogvlakte Campo Imperatore in bloei; in de herfst kleuren de beukenbossen goud. Dit is Italië zonder decor, puur en onverwacht mooi.
Nature Travel Lab volgt Abruzzo op de voet. Ken jij een bijzondere accommodatie in de regio? Laat het ons weten.
Abruzzo is voor wandelaars wat Toscane is voor kunstliefhebbers: een regio die je niet snel vergeet. De vier natuurparken bieden elk een eigen karakter. In het Majella National Park vind je meer dan 700 kilometer aan wandelpaden, met de Monte Amaro als hoogste punt op 2.793 meter. Het Gran Sasso-gebergte herbergt de Corno Grande; de hoogste bergtop van de Apennijnen buiten de Alpen met uitzichten die je doen vergeten dat je in Midden-Italië bent.
Het Nationaal Park Abruzzo is het oudste van Italië en het meest intiem: kleine paden door beukenbossen, langs rivieren en naar stille bergweiden waar je wolven en beren kunt spotten. Let op: in het hoogseizoen zijn sommige wandelroutes alleen met een vergunning te betreden, om de kwetsbare dieren te beschermen. Buiten die periode heb je de paden vrijwel voor jezelf.
Lente en herfst zijn de ideale seizoenen. De afstanden zijn serieus, de bewegwijzering soms beperkt, maar dat hoort bij het karakter van deze regio. Abruzzo beloont wandelaars die bereid zijn iets verder te gaan dan het voor de hand liggende.
“De natuur is onze grootste bondgenoot én inspiratiebron.”
– Sir David Attenborough